Thema's
Specials
Colofon
Bijlagen
Reflectie
Leven in de provincie Utrecht
Inleiding
Onderwijs
Onderwijs
Onderwijs vormt een belangrijke pijler van brede welvaart. Het biedt mensen de mogelijkheid om kennis en vaardigheden te ontwikkelen, zich persoonlijk en professioneel te ontplooien en actief deel te nemen aan de samenleving. Een goede toegang tot onderwijs en ontwikkelmogelijkheden draagt bij aan de kwaliteit van leven in het hier en nu, bijvoorbeeld door betere kansen op werk, inkomen en gezondheid. Tegelijkertijd versterkt onderwijs de brede welvaart voor latere generaties, doordat het de kennisbasis, innovatiekracht en veerkracht van de samenleving vergroot. Vanuit dit perspectief gaat het thema onderwijs niet alleen over het behaalde opleidingsniveau, maar ook over de kansen die mensen ervaren om zich gedurende hun leven te blijven ontwikkelen.
In de provincie Utrecht heeft een relatief hoog aandeel inwoners een hbo- of wo-opleiding en behoort daarmee tot een van de meest theoretisch opgeleide provincies van Nederland.
Ruim acht op de tien inwoners zijn tevreden over de mogelijkheden die zij hebben gehad om onderwijs te volgen en zich te ontwikkelen.
Hoe tevreden mensen zijn met de eigen opleidingskansen hangt vooral samen met de ervaren grip op het leven en het eigen opleidingsniveau.
Uit cijfers van het CBS over 2024 blijkt dat Utrecht tot de meest theoretisch opgeleide provincies van Nederland behoort. Ruim 42 procent van de inwoners van 15 tot 75 jaar heeft een hbo- of wo-opleiding afgerond (hierna: theoretisch opgeleid). Van hen heeft 20 procent een master- of doctoraatsopleiding voltooid. Alleen Noord-Holland kent een vergelijkbaar hoog aandeel hoogopgeleiden. Tegelijkertijd is het aandeel praktisch opgeleiden in Utrecht kleiner dan in de meeste andere provincies.
Utrecht is theoretisch opgeleid, maar ervaren opleidingskansen verschillen naar opleidingsniveau
Figuur 1: Bevolking (15 tot 75 jaar) naar hoogst behaald opleidingsniveau en provincie, 2024
Bron: CBS.
Deze relatief gunstige onderwijspositie komt ook naar voren in de beoordeling van de eigen opleidingskansen. Inwoners van Utrecht geven hun opleidingskansen tot nu toe gemiddeld een 7,6. Daarmee behoort dit onderwerp tot de best beoordeelde aspecten van de brede welvaart, vergelijkbaar met de waardering voor vrije tijd, de directe woonomgeving en het groen en natuur in eigen leefomgeving. Ruim acht op de tien inwoners zijn tevreden over de mogelijkheden die zij hebben gehad om onderwijs te volgen en zich te ontwikkelen, terwijl iets meer dan 5 procent hierover ontevreden is. Dit wijst erop dat de meeste inwoners de beschikbare kansen op onderwijs en persoonlijke ontwikkeling positief beoordelen.
Slechts 5 procent van de inwoners is ontevreden over de mogelijkheden om onderwijs te volgen. In deze groep zitten relatief veel vrouwen, inwoners van stedelijk gebied en jongeren (18 tot 30 jaar). Ook mensen uit de laagste inkomensgroep, praktisch opgeleiden en mensen die wonen in een sociale huurwoning zijn relatief vaak ontevreden. Dit profiel geeft een eerste indruk van de groep die ontevreden is over de eigen opleidingskansen. Hierna laten we zien welke kenmerken, na correctie voor andere factoren, daadwerkelijk samenhangen met de tevredenheid over opleidingskansen.
Wie is ontevreden?
De tevredenheid met de eigen opleidingskansen hangt vooral samen met de ervaren grip op het leven en het eigen opleidingsniveau. Personen die meer controle ervaren over hun leven zijn meer tevreden over hun opleidingskansen. Daarnaast zijn praktisch en middelbaar opgeleiden aanzienlijk minder tevreden over hun opleidingskansen dan theoretisch opgeleiden.
Theoretisch opgeleiden vaker tevreden over opleidingskansen
Figuur 2: Tevredenheid met de mogelijkheden om onderwijs te volgen, naar opleidingsniveau
Bron: Regionale analyse Brede Welvaart (Provincie Utrecht, 2025).
Gecorrigeerd voor: leeftijd, geslacht, grip, stedelijkheid, inkomen, huishoudenssamenstelling, woningbezit, institutioneel vertrouwen, vertrouwen in anderen, verbondenheid met de buurt of wijk, verbondenheid met de woonplaats en verbondenheid met Nederland.
Ook inwoners van sociale huurwoningen en inwoners van 30 tot 64 jaar zijn, na controle voor achtergrondkenmerken, minder positief over hun opleidingskansen.
In tegenstelling tot wat we bij het thema welbevinden hebben gezien, blijken sociale verbondenheid, vertrouwen in anderen en institutioneel vertrouwen geen significante rol te spelen bij de beoordeling van opleidingskansen. Dit suggereert dat tevredenheid over opleidingskansen vooral samenhangt met individuele sociaaleconomische kenmerken en persoonlijke regie, en minder met sociale relaties of verbondenheid met de leefomgeving.
Op de vraag wat het belangrijkst is om het wonen en leven in de provincie Utrecht in de toekomst leefbaar te houden, noemt bijna één op de vijf inwoners dat er voldoende ruimte moet zijn voor onderwijsvoorzieningen. Daarmee behoort onderwijs tot de middenmoot van de genoemde voorzieningen. Onderwijs wordt minder vaak genoemd dan wonen, zorg, natuur, dagelijkse voorzieningen en openbaar vervoer, maar vaker dan bijvoorbeeld culturele voorzieningen, horeca, sport- en speelvoorzieningen en ontmoetingsplekken.
Inwoners die zich sterker verbonden voelen met hun wijk of buurt hechten vaker belang aan onderwijsvoorzieningen als voorwaarde voor de toekomstige leefbaarheid, alhoewel de verschillen relatief klein zijn. De leeftijd, het inkomen en de mate van stedelijkheid spelen hierbij nauwelijks een rol.
Hoe kijken mensen naar onderwijs in de toekomst?
Menu
Onderwijs
Op de vraag wat het belangrijkst is om het wonen en leven in de provincie Utrecht in de toekomst leefbaar te houden, noemt bijna één op de vijf inwoners dat er voldoende ruimte moet zijn voor onderwijsvoorzieningen. Daarmee behoort onderwijs tot de middenmoot van de genoemde voorzieningen. Onderwijs wordt minder vaak genoemd dan wonen, zorg, natuur, dagelijkse voorzieningen en openbaar vervoer, maar vaker dan bijvoorbeeld culturele voorzieningen, horeca, sport- en speelvoorzieningen en ontmoetingsplekken.
Inwoners die zich sterker verbonden voelen met hun wijk of buurt hechten vaker belang aan onderwijsvoorzieningen als voorwaarde voor de toekomstige leefbaarheid, alhoewel de verschillen relatief klein zijn. De leeftijd, het inkomen en de mate van stedelijkheid spelen hierbij nauwelijks een rol.
Hoe kijken mensen naar onderwijs in de toekomst?
In de provincie Utrecht heeft een relatief hoog aandeel inwoners een hbo- of wo-opleiding en behoort daarmee tot een van de meest theoretisch opgeleide provincies van Nederland.
Ruim acht op de tien inwoners zijn tevreden over de mogelijkheden die zij hebben gehad om onderwijs te volgen en zich te ontwikkelen.
Hoe tevreden mensen zijn met de eigen opleidingskansen hangt vooral samen met de ervaren grip op het leven en het eigen opleidingsniveau.
De tevredenheid met de eigen opleidingskansen hangt vooral samen met de ervaren grip op het leven en het eigen opleidingsniveau. Personen die meer controle ervaren over hun leven zijn meer tevreden over hun opleidingskansen. Daarnaast zijn praktisch en middelbaar opgeleiden aanzienlijk minder tevreden over hun opleidingskansen dan theoretisch opgeleiden.
Theoretisch opgeleiden vaker tevreden over opleidingskansen
Uit cijfers van het CBS over 2024 blijkt dat Utrecht tot de meest theoretisch opgeleide provincies van Nederland behoort. Ruim 42 procent van de inwoners van 15 tot 75 jaar heeft een hbo- of wo-opleiding afgerond (hierna: theoretisch opgeleid). Van hen heeft 20 procent een master- of doctoraatsopleiding voltooid. Alleen Noord-Holland kent een vergelijkbaar hoog aandeel hoogopgeleiden. Tegelijkertijd is het aandeel praktisch opgeleiden in Utrecht kleiner dan in de meeste andere provincies.
Utrecht is theoretisch opgeleid, maar ervaren opleidingskansen verschillen naar opleidingsniveau
Figuur 1: Bevolking (15 tot 75 jaar) naar hoogst behaald opleidingsniveau en provincie, 2024
Bron: CBS.
Slechts 5 procent van de inwoners is ontevreden over de mogelijkheden om onderwijs te volgen. In deze groep zitten relatief veel vrouwen, inwoners van stedelijk gebied en jongeren (18 tot 30 jaar). Ook mensen uit de laagste inkomensgroep, praktisch opgeleiden en mensen die wonen in een sociale huurwoning zijn relatief vaak ontevreden. Dit profiel geeft een eerste indruk van de groep die ontevreden is over de eigen opleidingskansen. Hierna laten we zien welke kenmerken, na correctie voor andere factoren, daadwerkelijk samenhangen met de tevredenheid over opleidingskansen.
Wie is ontevreden?
Deze relatief gunstige onderwijspositie komt ook naar voren in de beoordeling van de eigen opleidingskansen. Inwoners van Utrecht geven hun opleidingskansen tot nu toe gemiddeld een 7,6. Daarmee behoort dit onderwerp tot de best beoordeelde aspecten van de brede welvaart, vergelijkbaar met de waardering voor vrije tijd, de directe woonomgeving en het groen en natuur in eigen leefomgeving. Ruim acht op de tien inwoners zijn tevreden over de mogelijkheden die zij hebben gehad om onderwijs te volgen en zich te ontwikkelen, terwijl iets meer dan 5 procent hierover ontevreden is. Dit wijst erop dat de meeste inwoners de beschikbare kansen op onderwijs en persoonlijke ontwikkeling positief beoordelen.
Figuur 2: Tevredenheid met de mogelijkheden om onderwijs te volgen, naar opleidingsniveau
Bron: Regionale analyse Brede Welvaart (Provincie Utrecht, 2025).
Gecorrigeerd voor: leeftijd, geslacht, grip, stedelijkheid, inkomen, huishoudenssamenstelling, woningbezit, institutioneel vertrouwen, vertrouwen in anderen, verbondenheid met de buurt of wijk, verbondenheid met de woonplaats en verbondenheid met Nederland.
Ook inwoners van sociale huurwoningen en inwoners van 30 tot 64 jaar zijn, na controle voor achtergrondkenmerken, minder positief over hun opleidingskansen.
In tegenstelling tot wat we bij het thema welbevinden hebben gezien, blijken sociale verbondenheid, vertrouwen in anderen en institutioneel vertrouwen geen significante rol te spelen bij de beoordeling van opleidingskansen. Dit suggereert dat tevredenheid over opleidingskansen vooral samenhangt met individuele sociaaleconomische kenmerken en persoonlijke regie, en minder met sociale relaties of verbondenheid met de leefomgeving.
Onderwijs
Onderwijs vormt een belangrijke pijler van brede welvaart. Het biedt mensen de mogelijkheid om kennis en vaardigheden te ontwikkelen, zich persoonlijk en professioneel te ontplooien en actief deel te nemen aan de samenleving. Een goede toegang tot onderwijs en ontwikkelmogelijkheden draagt bij aan de kwaliteit van leven in het hier en nu, bijvoorbeeld door betere kansen op werk, inkomen en gezondheid. Tegelijkertijd versterkt onderwijs de brede welvaart voor latere generaties, doordat het de kennisbasis, innovatiekracht en veerkracht van de samenleving vergroot. Vanuit dit perspectief gaat het thema onderwijs niet alleen over het behaalde opleidingsniveau, maar ook over de kansen die mensen ervaren om zich gedurende hun leven te blijven ontwikkelen.