Bekijk de cijfers
Er zijn in totaal 142 bezwaren en 22 klachten ingediend. Daarvan is 1 bezwaar doorgezonden aan een ander bestuursorgaan en zijn 6 klachten doorgezonden, zowel naar andere bestuursorganen als intern binnen de provincie.
Hieronder wordt in de verschillende infographics zichtbaar hoeveel zaken zijn behandeld door de commissie en hoe deze zijn afgedaan.
De cijfers
Uitkomsten van de bezwaarprocedures
2022
2024
2024
Doorlooptijden
Cijfermatig overzicht van de in 2025 ingekomen en behandelde bezwaarschriften, klachten en administratieve beroepen. Om het beeld in perspectief te plaatsen zijn de cijfers van de voorgaande jaren ernaast gezet.
Milieu
Milieu
Milieu
Milieu
Behandeld door commissie
Behandeld door commissie
Behandeld door commissie
Behandeld door commissie
Als we inzoomen op de gerealiseerde doorlooptijden ontstaat het volgende beeld:
12
4
19
% bezwaar binnen termijn afgehandeld
Natuur
Natuur
Natuur
Natuur
(Kennelijk) niet ontvankelijk
(Kennelijk) niet ontvankelijk
(Kennelijk) niet ontvankelijk
(Kennelijk) niet ontvankelijk
20
19
5
* het percentage bezwaarschriften dat binnen de termijn is afgehandeld zonder de bezwaren tegen de aanlijnplicht bedraagt 77%.
** in 2024 is één klacht behandeld door de commissie. Die klacht is niet binnen de termijn afgehandeld.
De hier vermelde percentages voor 2024 en 2025 zijn niet geheel betrouwbaar, omdat de termijnen door het secretariaat zijn ingevoerd op basis van de bij het secretariaat bekende gegevens. De commissie streeft ernaar dat in 2026 de verschillende termijnen, waaronder die van opschorting tijdens minnelijk overleg nauwkeuriger worden geregistreerd. Daarvoor is echter van belang dat het secretariaat hierover tijdig en volledig wordt geïnformeerd door GS. Daarmee verwacht de commissie over 2026 beter inzicht te krijgen in de doorlooptijden van een bezwaar bij de commissie.
Subsidie
Subsidie
Subsidie
Subsidie
(Gedeeltelijk) gegrond
(Gedeeltelijk) gegrond
(Gedeeltelijk) gegrond
(Gedeeltelijk) gegrond
18
32
4
Overig
Overig*
Overig
Overig*
Afhandeling bezwaarschriften
Ongegrond
Ongegrond
Ongegrond
Ongegrond
20
14
10
Administratief beroep
Administratief beroep
Administratief beroep
Administratief beroep
Ingetrokken
Ingetrokken
Ingetrokken
Ingetrokken
1
0
51
Ingediende klachten
(incl. Nationale Ombudsman)
Ingediende klachten
(incl. Nationale Ombudsman)
Ingediende klachten
(incl. Nationale Ombudsman)
Ingediende klachten
(incl. Nationale Ombudsman)
Totaal
Totaal
Totaal
Totaal
7
10
70
Totaal
Totaal
Totaal
Totaal
Beslissing op bezwaar
Beslissing op bezwaar
Beslissing op bezwaar
Beslissing op bezwaar
2022
73%
70
69
(Deels) contrair
(Deels) contrair
(Deels) contrair
(Deels) contrair
2023
33%
1
2024
56%
2025
23%
Werkvoorraad
Op 31 december 2025 was de behandeling van 24 van de in 2025 ingediende bezwaarschriften nog niet afgerond.
De nationale ombudsman
Afhandeling klachten
Minnelijk in aantal
Minnelijk in percentage
2025
36%
46
2024
72%
51
2023
58%
42
60%
42
2022
In 2025 is een sterke toename te zien geweest van het aantal klachten. Er zijn 5 klachten behandeld door de commissie. In 4 gevallen hebben Gedeputeerde Staten het advies van de commissie overgenomen en in 1 geval is het advies niet overgenomen. Die zaak wordt hieronder kort toegelicht.
Controlehandelingen toezichthouder
De commissie oordeelde dat een klacht over de wijze waarop een controle werd uitgevoerd, onevenredig was en dat sprake was van een onbevoegde doorzoeking van een voertuig. De commissie adviseerde de klacht op deze onderdelen gegrond te verklaren. Over twee andere klachtonderdelen kon de commissie geen oordeel geven.
Gedeputeerde Staten zijn tot een ander oordeel gekomen. Zij hebben geconcludeerd dat het optreden van de toezichthouder binnen de wettelijke en professionele kaders heeft plaatsgevonden. Gedeputeerde Staten hebben gemotiveerd waarom de uitgevoerde handelingen binnen de grenzen bleven van wat redelijkerwijs noodzakelijk was voor het vervullen van de toezichthoudende taak en dat geen sprake was van een onbevoegde doorzoeking. De klacht werd daarom ongegrond verklaard.
Uit informatie over 2025 die is ontvangen van de Nationale ombudsman blijkt dat er in 2025 drie meldingen over de provincie Utrecht zijn ontvangen en in behandeling zijn genomen. In twee zaken bestond die behandeling uit het geven van informatie of een doorverwijzing en in één zaak is de melding opgelost door een interventie.
Interventie
Klager had zich tot de Nationale ombudsman gewend omdat de provincie niet (tijdig) had gereageerd op zijn klacht. Namens de Nationale ombudsman is de provincie toen verzocht alsnog te reageren op de klacht. Klager heeft ook tweemaal bij de commissie geïnformeerd naar de stand van zaken. Vanuit de commissie is gecommuniceerd dat bij de verantwoordelijke afdeling zou worden aangedrongen op spoedige afhandeling van de klacht. Dat is ook gebeurd. Nadat de interventie door de commissie was ontvangen, heeft de commissie nogmaals aangedrongen op spoedige verzending van de afdoeningsbrief aan klager. Vervolgens is de afdoeningsbrief binnen enkele dagen verzonden aan klager.
Er zijn bij de commissie geen zaken bekend waarin de klager zijn klacht na de klachtbehandeling door de provincie nog heeft voorgelegd aan de Nationale ombudsman.
2022
Ingediende klachten
Behandeld door commissie:
(kennelijk) niet ontvankelijk
Ingetrokken / informele aanpak
(gedeeltelijk) gegrond
Afhandeling
(deels) contrair
Totaal
Nog open op 31 december 2025
ongegrond
Doorgezonden
Aantal ingediend
5
Minnelijk afgehandeld / ingetrokken
2
Behandeld door de commissie
0
Waarvan gegrond
0
Waarvan ongegrond
2
Minnelijk / ingetrokken
3
Aantal ingediend
Minnelijk afgehandeld / ingetrokken
Behandeld door de commissie
Waarvan gegrond
Waarvan ongegrond
Minnelijk / ingetrokken
2023
4
4
0
0
0
4
Aantal ingediend
Minnelijk afgehandeld / ingetrokken
Behandeld door de commissie
Waarvan gegrond
Waarvan ongegrond
Minnelijk / ingetrokken
2025
22
5
1
2
2
23*
1
5
6
6
2024
11
10
1
1
0
11
*Het totale aantal afgehandelde klachten is hoger dan het aantal binnengekomen klachten omdat er 1 klacht is afgehandeld die vóór 2025 was ingediend.
In 4 beslissingen op bezwaar hebben Gedeputeerde Staten een besluit genomen dat afweek van de adviezen van de commissie. Het gaat om 2 adviezen waarin bezwaren van in totaal 4 bezwaarmakers behandeld zijn. Hieronder wordt deze zaken kort toegelicht.
1. Ophoging perceel en wateroverlast – beperkte beoordelingsruimte en specialiteitsbeginsel
De commissie vond dat het besluit onvoldoende zorgvuldig was voorbereid omdat Gedeputeerde Staten mogelijke wateroverlast die veroorzaakt zou worden door de ontheffing niet had meegewogen in de belangenafweging. Volgens de commissie bestond ruimte om dit belang mee te wegen. De commissie adviseerde daarom om de motivering van het bestreden besluit aan te vullen en daarbij nadrukkelijk in te gaan op het belang van de waterhuishouding.
Gedeputeerde Staten hebben in de beslissing op bezwaar echter gemotiveerd dat de te maken belangenafweging dwingend van karakter is, zodat deze geen ruimte biedt om met andere belangen dan de Landschappelijke, Natuurwetenschappelijke, Cultuurhistorische en Archeologische waarden rekening te houden. Een belang dat ziet op wateroverlast kan daarom niet worden meegenomen in de belangenafweging. Het meenemen van het belang van de waterhuishouding zou ook in strijd zijn met het specialiteitsbeginsel. Wateroverlast door hemelwater of door grondwater behoort primair tot de verantwoordelijkheid van de gemeente. Omdat de provincie niet bevoegd is om te toetsen aan de belangen die zien op de waterhuishouding hebben Gedeputeerde Staten besloten de verleende ontheffing in stand te laten en niet nader te motiveren.
2. Afschot wolf – gewijzigde regelgeving en vervallen procesbelang
In de zaak rond het afschot van een wolf heeft de commissie geadviseerd om het bestreden besluit te herroepen en een nieuw primair besluit te nemen. De juridische grondslag waarop het bestreden besluit berustte kon door een wijziging van de regelgeving niet langer dienen als grondslag van een te nemen beslissing op bezwaar. Tegelijkertijd stelde de commissie vast dat de wolf terecht was aangemerkt als probleemwolf en dat er geen andere mogelijke oplossingen waren dan afschot.
In de beslissingen op bezwaar (er was door drie verschillende partijen bezwaar gemaakt tegen het besluit) hebben GS besloten het bestreden besluit niet te herroepen omdat de omgevingsvergunning inmiddels was verlopen, daarnaast is gebleken dat de wolf al was gedood en dat het doel van de vergunning was bereikt. Het verlenen van een nieuwe vergunning of een maatwerkvoorschrift was niet langer noodzakelijk. De bezwaren zijn niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van een procesbelang.
Informele aanpak: minnelijk overleg en mediation
In 2025 heeft de informele aanpak in 42 bezwaren en 6 klachten tot een oplossing geleid. Het lage percentage van de afdoening met toepassing van de informele aanpak in 2025 ten opzichte van voorgaande jaren is te verklaren door het hoge aantal bezwaren dat tegen de aanlijnplicht voor honden is ingediend. Zie daarover ook het kader ‘Wolvenzaken in 2025: een jaar vol diverse afwegingen’.
Percentage informele afdoening (inclusief mediation) ten opzichte van
het totaal aantal ingediende bezwaarschriften, administratieve beroepen
en klachten.
*Er zijn 34 bezwaren ingediend over andere onderwerpen dan de aanlijnplicht.
2023
8
25
17
14
1
8
64
2025
10
96*
18
18
0
22
142
2022
28
5
14
9
42
70
3
2023
22
7
3
12
42
64
2
2025
68
7
11
42
128
4
86
n.v.t.
onbekend
% klacht binnen termijn afgehandeld
2022
2023
2024
56%
2025
23%
2022
73%
2023
33%
2024
56%
2025
23%