PARTICIPATIE WINDENERGIE

Hoe betrek je de omgeving op een effectievere wijze bij ruimtelijke processen rond windenergie? En hoe vergroot je daarmee acceptatie en betrokkenheid zodat projecten sneller en met meer draagvlak gerealiseerd kunnen worden? In deze casus faciliteerde de provincie gemeenten die aan de slag gingen met initiatieven voor windenergie.

De casus liep eind 2016 enige vertraging op omdat de besluitvorming in diverse gemeenten langer duurde dan vooraf gedacht. In de gemeente Utrecht vond vervolgens een intensief participatieproces plaats voor Energielandschap Rijnenburg. Dat resulteerde in zes scenario’s voor een energielandschap waar productie van windenergie onderdeel van kan uitmaken.

In diverse ‘stadsgesprekken’ en werkbijeenkomsten is een open discussie gevoerd waarbij diverse andere beleidsvelden betrokken zijn, zoals woningbouw, recreatie, bodemgesteldheid, natuur en landschap. De provincie was als sparringpartner nauw betrokken bij dit proces en vanuit de provinciale taakstelling sterk belanghebbend maar niet leidend.

Met de gemeenten Lopik, De Bilt en Amersfoort is meegedacht over een innovatievere aanpak om initiatieven voor windenergie te benaderen. Dit leidde bij gemeente De Bilt tot een aparte casus over de vraag hoe jongeren te betrekken bij de energietransitie.

DE INNOVATIEVE AANPAK

In deze casus waren gemeenten in the lead en trad de provincie op als sparringpartner en facilitator. Zo bood de provincie een 3D-tool aan die visuele ondersteuning gaf bij het inzichtelijk maken van scenario’s: de Windplanner. De inzet van de Windplanner zorgde voor vertrouwen in de gesprekken over de te verwachten ruimtelijke ingreep in ieders woonomgeving. Dit resulteerde in open gesprekken over de impact van gemeentelijke plannen.


Het instrument Windplanner is onder meer ingezet bij de stadsgesprekken over windenergie in Rijnenburg (gemeente Utrecht) en Goyerbrug (gemeente Houten). Het kan ook van pas komen in andere trajecten, bijvoorbeeld als er een participatieproces in Amersfoort van start gaat.


Gezien de maatschappelijke context van windenergie koos de provincie er bewust voor om de regie te laten bij gemeenten en/of lokale coöperaties. De provincie moest daardoor wel accepteren dat het geen invloed had op de methode die werd gekozen. In haar faciliterende rol dacht de provincie wel op alle fronten mee: achter en voor de coulissen. De rol van de provincie was daarmee niet heel zichtbaar maar werd door de samenwerkingspartners wel zeer gewaardeerd.


Een vernieuwende werkwijze kent een trial-and-error fase; een fase die niet altijd direct overgenomen wordt door partijen waar men gewend is aan vastomlijnde werkwijzen of waar stakeholders het afbreukrisico willen vermijden. Met name bij een al maatschappelijk gevoelig thema als windenergie bleek dat een lastige opgave.

Afbeelding boven en onder:
Voorbeelden uit de 3D Windplanner tonen de impact
van windmolens (ter illustratie)

IMPULS AAN DE OPGAVE

De casus verliep anders dan van tevoren bedacht. De materie over windenergie is taai en ingewikkeld, en kan rekenen op weerstand en vertraging. Toch zijn er wel degelijk stappen in de goede richting gezet en heeft de opgave met deze casus een zetje in de goede richting gekregen.


De ontwikkelde 3D-tool heeft al een bijdrage geleverd en kan in de toekomst vaker ingezet worden om bij te dragen aan betere communicatie tussen belanghebbenden.